Hier op de Zaag stonden we al eerder stil bij London Calling, het derde album van The Clash. Nederland liep destijds beschamend achter bij diverse buurlanden want die magistrale dubbelaar verkocht bij ons voor geen meter. Veel meer aandacht ging destijds uit naar The Wall van Pink Floyd dat ook uitkwam op het uiterste randje van de seventies, in december 1979. Twee nummers van London Calling lichtten we eerder eruit, The Right Profile en Guns of Brixton . Vandaag duiken we in nummer drie, de meest mysterieuze track van het album. Eentje die helemaal op het eind van kant D staat. Train in Vain heet het. Misschien niet meteen iets wat de mensheid spontaan in zingen doet uitbarsten, wat allicht is terug te voeren op het feit dat de titel nergens terugkomt in de tekst ervan.
Dat popblaadjes gratis een 45 bijvoegen is niks nieuws want al sinds de vroege jaren ‘70 gebeurt dat. De Oor bijvoorbeeld verspreidde destijds eens een gratis vinyl singeltje van Peter Koelewijn. In Engeland hetzelfde verhaal. Het waren de jaren waarin blaadjes als NME, Melody Maker en Sounds een massaoplage kenden en enorm invloedrijk waren. Toen de Rolling Stones in 1972 op het punt stonden Exile on Main Street uit te brengen was het idee snel geboren om bij de NME bij wijze van promotie een flexi-disc singeltje te voegen. De opname van de ‘Exile on Main St. Blues’ leende zich daar goed voor. Mick Jagger begeleidde zichzelf op de piano terwijl hij in een geïmproviseerd tekstje losjes een stel songtitels aaneen reeg ( ‘Come on Virginia, let’s shoot some dice / My sweet black angel, shine a light’). Best wel een leuk hebbedingetje.

Midden in de punktijd ging The Clash met precies hetzelfde idee aan de haal. Ook zij zochten de samenwerking met de NME voor het uitbrengen van een gratis flexi-disc. Het legendarische viertal stond op het punt om London Calling uit te brengen, naderhand te beschouwen als hùn Exile on Main Street natuurlijk. Toen de opnames van die dubbelaar afgerond waren staken onze helden nog wat laatste energie in een extra liedje. Titel ervan: Train in Vain. Kant en klaar om bij de NME te voegen.
Echter, het hele feest ging niet door, om logistieke redenen werd het plan afgeblazen. Aanleiding voor The Clash om bij wijze van geïmproviseerde laatste-moment-actie dat liedje alsnog toe te voegen aan London Calling. En zo geschiedde. Pech was alleen dat de hoes (zowel de buiten- als de binnenhoes) toen al gedrukt was. Vandaar dus dat op de dubbel-Lp Train in Vain wel te horen was, maar dat je er helemaal niks over kon lezen op de hoes! En ook niet op het papieren label dat op kant D geplakt zit, want ook die was al gedrukt.



Op hun vijfde plaat Combat Rock doet Topper nog mee, op de fraaie ingesloten poster zit hij links vooraan.
Opmerkelijk is dat Train in Vain bij nader inzien een van de topnummers bleek van de plaat. Het is slechts één van de twee singles die ervan in de UK getrokken werd (samen met titelsong London Calling). Ook opvallend is het puntige en snedige drumwerk van Topper Headon, al wordt eigenlijk heel London Calling daar wel door gekarakteriseerd. Met Topper had The Clash een toppertje in huis gehaald die in staat was om schijnbaar probleemloos allerlei smaakvolle reggae- , funk- , punk- en rockabilly ritmes aaneen te smeden. Heel anders dan zijn voorganger Terry Chimes die er met matig en fantasieloos spel bijna hoogstpersoonlijk voor zorgde dat de debuutpaat van The Clash nooit de belofte ervan inloste.
De tekst van Train in Vain is – net als de muziek- simpel en effectief. Gewoon een liefdesverdriet-verhaaltje waarbij een verongelijkt ik-figuur een anoniem vrouwpersoon verwijten maakt dat ze niet achter hem ging staan. You didn’t stand by me / No not at all / You didn’t stand by me / no way, gaat het refrein. Gitarist/zanger Mick Jones had het geschreven en gezongen. Hij maakte in ieder geval van zijn hart geen moordkuil en durfde zich zowaar kwetsbaar op te stellen. Hoogst uitzonderlijk destijds voor een stoere punkerman! Het verhaal destijds was dat het ging over zijn Amerikaanse vriendin Ellen Foley (zij van Paradise by the Dashboard Light). Maar dat kon niet kloppen aangezien die affaire van een latere datum was (ze zouden samen nog wel liefdevol het duet Hitsville UK inzingen, maar dat is een ander verhaal).
Nee, in wekelijkheid gaat het liedje over Viv Albertine van The Slits. Althans zij is er zeker van dat het over haar gaat. Met Viv had Mick Jones indertijd een kortlopende romance. Volgens haar kwam hij bijna dagelijks met de trein naar Shepherds Bush om dan bij haar aan te bellen, in de hoop om binnengelaten te worden. Maar mooi dat ze niet opendeed, en zodoende kon de stakker steeds onverrichter zake terug naar huis. Vandaar dus de songtitel over die vergeefse treinritjes!
Een jaar of 14 later zou het drumspel van Topper Headon op Train in Vain plotseling opnieuw de aandacht opeisen. Wat was er gebeurd dan? Producer Butch Vig, die zich na zijn avonturen met Nirvana over zijn banksaldo geen zorgen meer hoefde te maken, had het drumintro van het nummer voor de gein gesampled en geloopt en het resultaat als idee voorgelegd aan Garbage, de band van zangeres Shirley Manson. Die gingen ermee aan de slag en hopsakee, monsterhit Stupid Girl was geboren. Luistert zelf eens, het drumwerk van Topper Headon hoor je door het hele nummer heen.
En Topper Headon, hoe is het deze geweldenaar verder vergaan? Nou wisselend. Een jaar of twee na London Calling knutselde hij bijna in zijn eentje de funky muziek (piano, bas, drums) bij elkaar van wat een van The Clash’ grootste hits ooit zou worden: Rock The Casbah. Zijn kostje was gekocht, zou je denken. Maar het omgekeerde gebeurde, hij werd uit de band geknikkerd! Dit had veel, zo niet alles te maken met een hardnekkige heroine-verslaving waar hij mee kampte. Met pijn in zijn hart moest hij vervolgens toezien hoe zijn creatie tot een internationale tophit uitgroeide. Erger nog: in het clipje ervan figureerde Terry Chimes doodleuk als drummer, zijn voorganger bij The Clash dus! Volgens Joe Strummer destijds was een heroineversaving van een gitarist misschien nog wel te tolereren, maar van een drummer? Die hoort de steady backbone van een band hoort te zijn, harde drugs zijn dan keihard uitgesloten!

Twee matige solo-singles
En Terry Chimes (in de punkperiode beter bekend als Tory Crimes), hoe is het hem vergaan? Dieptreurig feit is dat zowel hij als Topper Headon na hun Clash-periode begonnen te kampen met ernstige rugpijnen. Dat kan haast geen toeval zijn, zou je denken. Wellicht dat een combinatie van de Clash-drumstijl, de kadaverdiscipline binnen de band en extensieve tourschema’s zijn tol had opgeëist. In ieder geval: waar Topper nog jarenlang met het bruine spul bleef rotzooien en ook nog last van zijn lever kreeg, daar vatte Terry Chimes de koe bij de horens: hij verdiepte zich in het fenomeen rugpijn en werd full-time chiropracter! Zie hier zijn website.
Anno 2026 zijn beide drummers bij de leeftijd van 70 aanbeland, vermoedelijk ondernemen ze niet zoveel meer. Maar we mogen hopen dat ze terugkijken op een mooie tijd, dat ze genieten ze van hun oude dag en dat die kutpijnen geleidelijk zijn weggemasseerd.
Tenslotte, niet onvermeld mag blijven een hele fraaie countryversie van Train in Vain. Dwight Yoakam wist er een jaar of 30 terug een gevoelige snaar mee te raken. Ja eigenlijk maakte hij zonneklaar dat Train in Vain het best tot zijn recht komt als gevoelige countrysong!
Een mooie bijkomstigheid is voorts nog dat Garbage volgende week (14 juni) in de Ronda komt spelen. Dus dan kunnen we ons er mooi eens van vergewissen hoe hun drummer live met Stupid Girl omgaat. Van onze man in Stockholm kregen we alvast een voorproefje in de vorm van een kort filmpje toegestuurd, zie de comments op Facebook en Bluesky.
