Door Hester Aalberts
Grote Geelstaart heeft de afgelopen tijd vooral op het podium geleefd. Popronde, clubs, festivals, Noorderslag – de Zeeuwse noise-rockers waren nauwelijks bij te houden. Op 6 februari verschijnt met Maalstroom de eerste nieuwe muziek sinds debuut-EP Van Reijnst: een compacte en opgefokte uitbarsting die aansluit op hun intensieve liveperiode.
De band staat bekend om optredens waarin alles tegelijk implodeert en ontspoort. Dubbele drums, meerdere stemmen en gitaren die elkaar opjagen en in de weg zitten. Structuur ontstaat duwend en trekkend. Die fysieke aanpak hoor je ook terug op Maalstroom, dat twee minuten aaneengesloten kortsluiting maakt.
Binnen die sonische chaos valt de zang extra op; vertellend en ingetogen. Bijna sacraal. Dat bizarre contrast zet Maalstroom onder hoogspanning. De tekst richt zich direct tot de mens en diens drang de zee te willen beheersen. Korte, ouderwets aandoende zinnen worden plechtig voorgedragen, als een preek van Neptunus.
Vergeleken met Van Reijnst klinkt Maalstroom muzikaal gezien directer en feller, als de neerslag van een band die live op scherp staat en zijn energie rechtstreeks doorsluist naar vinyl. Rauw, geconcentreerd en met een bijna satanisch plezier in ontregelen.

Boven in Cinetol, onder bij Left of the Dial

