Het zijn de Amerikanen die Misty Fields glans geven

De meeste foto’s zijn van van Anne-Marie van Rijn


Ja mensen, het is weer begin september en dat betekent dat er in hartje De Peel weer een blikvol nieuwe bands wordt opengetrokken. De popindustrie is een alles verslindend koekiesmonster, altijd weer is er die enorme honger naar nieuw, nieuw, nieuw. Tegelijkertijd spetterpoept het monster er aan de achterkant van alles uit. Alles wat verzwolgen, uitgekauwd en verteerd is wordt uitgescheten en belandt in de grote Put der Vergetelheid. Pakken we bijvoorbeeld voor de gein het programma van 2019 (pre-Covid) er eens bij dan zien we daar allemaal namen staan die nu niemand meer wat zegt: Slift, Sons, Cabbage, Steph Grace, Charlie Parr, Egyptian Blue, Mush, The Graveltones, Black Leather Jacket, Holy Moly & The Crackers, Real Derek, King Salami & The Cumberland, JD Wilkes, Tallies, Faux Ferociuos, Gold Star, Rizan Said… Snap je wat ik bedoel? Maar goed, daar staat tegenover dat er ook altijd blijvertjes tussen zitten. De bands met echte kwaliteit zogezegd, en daar doen we het voor.

De vrijdag

De vrijdag begint met tergend traag rijdend snelwegverkeer en het mislopen van ELLIS-D. Behalve een fraaie artiestennaam is het tevens gewoon de naam van Ellis Dickson, in het dagelijkse leven drummer van de bekende halve zolen raveband Fat Dog, Na afloop hoor ik mensen reppen over een heeeeel tof optreden. Jammer om dit te moeten missen. Overigens, de mensen van Left Of The Dial waren laatste effe flink opgetogen omdat ELLIS-D een
Live in Rotterdam -plaatje had uitgebracht. Deze was opgenomen tijdens hun festival in Neerlands meest bijzondere locatie: in de buik van Lichtschip V11. Nou, die maar kopen dan.

Ellis-D (foto: Anne-Marie van Rijn)


Strak in het pak en met blosjes op zijn wangen lijkt CORY HANSON in eerste instantie voor een strak soort powerpop-aanpak te kiezen. Met aan zijn zijde een meer dan puike drummer en dito bassite lijkt dat prima uit te pakken. Maar wacht even, Cory is niet zomaar iemand natuurlijk, jarenlang was hij het brein en boegbeeld van WAND. Met die band zocht hij het in hogere spacerocksferen met als kenmerkende eigenschap zijn eigen helium voice. Wand klonk als Hawkwind met Russell Meal op zang, een uniek eigen geluid hadden ze. Ook solo laat Cory zien wat hij zoal in zijn mars heeft, en dat is heel wat. Behalve begiftigd met flair, lef, verve en podiumpersoonlijkheid is hij ook een buitengewoon begaafd musicus. De powerpop-songs beginnen al snel ingevuld te raken met onverwachte tempowisselingen en breaks, gierende gitaren en golvende pianoriedels. Doodleuk zet hij zelfs Bohemian Rhapsody in, eerst zingend en zichzelf op piano begeleidend, om nog geen minuut later op te springen van zijn pianokruk om moeiteloos de Brian May- gitaarsolo na te spelen. Om dit nummer vervolgens lachend halverwege weer af te breken. Geintje joh! Jaja, die Cory is me er eentje. Zondermeer een indrukwekkend optreden.

Cory Hanson (foto: Anne-Marie van Rijn)

Behalve Cory Hanson is er nog meer ouwe glorie uit Californië te zien met Ty Segall (zie verder) en de ALLAH-LAS. Ooit opgestart door een stel platenwinkelmedewerkers zijn The Allah-Las al 18 jaar lang een vaste waarde in het alt-circuit. En nog altijd in precies dezelfde samenstelling (aangevuld met een vijfde man) en nog altijd met die zelfde frisse strandkoppies. Geen grammetje vet, geen rimpeltje en geen grijs haartje te zien. Over welk wonderelixer beschikken zij in vredesnaam? Hun titelloze debuutplaat uit 2014 staat nog steeds als een huis en dat ding hebben ze nooit weten te evenaren. Sterker nog: hun laatste album Sirenas (een paar weken geleden uitgekomen) staat vol met meditatieve instrumentaaltjes, daar gaan ze nou niet bepaald een volksoploop mee ontketenen. Live maakt dit echter geen donder uit want ze spelen gewoon volop klassiek oud werk. Daarmee klinken ze nog immer als de goedgeluimde beach boys van weleer die relaxed surfend hun dag lijken te door te brengen. Two girls for every boy en terend op het geld van een onbekende geldschieter.

The Allah-Las (foto: Anne-Marie van Rijn)

Best wel aardig zijn THE RATBOYS, een jong kwartet uit Chicago dat snel aan populariteit wint. Hoewel er weinig nieuws aan te ontdekken valt spelen ze aanstekelijke en opgewekte indierock-liedjes die de aandacht voor zeker een half uur goed weet vast te houden. Zangeres/gitariste/boegbeeld Julia Steiner is een vrolijk overkomend typetje dat met haar weinig doorleefde stem soms Altered Images (wie kent ze nog?) in herinnering roept. Het ware mooi geweest als ze meer van hun country-invloeden lieten horen, zoals in hun prijsnummer en uitsmijter Go Outside) Van dit soort bands zeg ik: leuk voor de jongelui, het is ze gegund maar ik geloof het wel.

Ratboys (foto; Anna-Marie van Rijn)


Ook jong is GOD HEALTH GOOD WEALTH. From London Town, zoals ze zeggen. Hier en daar aangekondigd als hiphop maar daar heeft het geen donder mee te maken. Wel zijn het snel praatzingende feestbeesten die goed naar Baxter Dury en The Streets hebben geluisterd. Een zaal op zijn kop zetten is hun core-business en daar ligt ook hun talent. En met een publiek vol hosgrage brabo’s is dat een eitje natuurlijk. Tekstueel zijn ze wel grappig: ‘You‘re a piece of shhhhhh.Sherlock Holmes.’ Ja ja, die snap ik wel. Muzikaal draait alles om de catchy en dansbare loopjes van een pre-recorded bassist. Een drummer en gitarist hakken en krassen daar wat door- en omheen, en dat is het dan. Hun plaatwerk is een stuk beter verteerbaar. Nee, the Party Animals was een betere naam voor ze geweest. Of bestaat er al een band die zo heet?

Good Health Good Wealth

Begeleid door de loodzware bassen van Travis Scott’s Sicko Mode betreedt het trio CLARION het podium. Goeie kans dat je ze al kent want met Hello Juliet hadden ze een giga-Tiktok-hit met 84 miljoen (!) streams. Hoewel ze er zelf geen issue van maken (afgezien van een Mexicaanse vlag die over een versterker gedrapeerd ligt) zijn de leden afkomstig uit de Chicano punk-scene van Los Angeles. Daarmee plaatsen ze zich in een mooie traditie van The Plugz, The Zeros, Gun Club, ? & The Mysterians, Los Lobos, Voodoo Glow Skulls etc. Muzikaal is het echter hardcore shoegaze-grunge that beats the clock. De bassiste komt in eerste instantie over als het schuchtere tutje van Personeelszaken dat ook zo nodig een instrument moet bespelen , maar als bril en haarband eenmaal zijn afgeworpen ontpopt ze zich als een super gemene hardcore bitch. Een prachtige transformatie in het tijdsbestek van amper drie kwartier! Een speciale vermelding is er voor de powerdrummer, helemaal paf sta je toe te horen wat dat jong allemaal voor heftigs uit zijn kit weet te halen.

Clarion (foto: Anne-Marie van Rijn)

Zoals bekend maakt TY SEGALL graag muzikale uitstapjes. Zo is hij solo in de weer geweest, als drummer van Fuzz, als T-Rex imitator, als jazzy experimentalist, als hardcore punk, als percussionist .. Tja als wat eigenlijk niet? Maar ook bekend is dat Ty altijd terug zal keren naar de basis, en dat is de loodware protometal waarvan de roots immer rond 1970 liggen (Blue Cheer, Black Sabbath) aangevuld met zijn nasale Marc Bolan-vocalen. Met zijn vertrouwde begeleidingsband met Emmett Kelly (gitaar, Cairo Gang), Mikel Cronin (bas), Evan Burrows (drummer, Wand) en Ben Boyd (toetsen) maakt hij ook dit keer indruk. Man, het is een en al vakmanschap. Dusdanig groot is hun zelfbewustzijn dat ze er geen millimeter moeite voor doen om er cool uit te zien. Cool! Ook opvallend: waar Emmett Kelly ter linkerzijde zonder enige moeite zijn instrument totaal staat te beheersen, daar loopt Ty ter rechterzijde aan tegen allerlei technisch ongemak: steeds dat ding stemmen, snaar gebroken, gitaarband kapot , duct tape erbij, nog meer duct tape erbij, vervangende gitaarband erbij halen, die blijkt weer niet te passen. Gedoe allemaal.. Maar het deert Teflon-Ty voor geen meter, glimlachend repareert hij het boeltje terwijl hij gewoon doorspeelt. Cool!

Ty Segall x 2 (foto’s: Anne-Marie van Rijn )

Onnavolgbare Ty setlist

Weinig boeiend zijn THE GLYDERS. Niet onaardige, simpele voortkabbelmuziek. Ze bevestigen het beeld van
een paar jaar geleden op Valkhof. Elk nummer begint met een eenvoudige groove of boogie. Zangmelodietje eroverheen, waarna de gitaar het geheel wat laat aanzwellen. Dat noemen ze dan ‘psych.’ Frontman Joshua Condon klinkt veel meer als een gitarist die ook nog zingt dan als een zanger die ook nog gitaar speelt. Verder zijn het wat anoniem ogende types met beperkte uitstraling, op een kleiner podium hadden ze een stuk beter tot hun recht gekomen. Op Misty Fields is dit ook een steeds terugkomend gespreksthema: waarom de ene band (The Allah-Las bijvoorbeeld) op het kleine podium en de andere (The Glyders bijvoorbeeld) op het grote podium, terwijl het omgekeerde veel logischer was geweest?

The Glyders (foto: Anne-Marie van Rijn )

Ook gezien: het Gronings-Amsterdamse trio Hondenfokker. Zij staan ook op het tweede ‘Girls to the Front’-verzamelalbum

Ook gezien: Lowertown (foto Anne-Marie van Rijn)

Ook gezien: GANS (foto: Anne-Marie van Rijn)

De zaterdag


‘Kleine meisjes met dure gitaren.’ Zo waagde ik het trio MARY IN THE JUNKYARD te noemen destijds nav hun LOTD-optreden. Een beetje spijt heb ik wel van deze rotopmerking, ook omdat ze vervolgens een album (Role Model Hermit) afscheidden dat goeie en gewaagde momenten kent. Maar iedereen verdient een tweede kans en dat geldt helemaal voor mezelf, vind ik. Bij Misty Fields ga ik eens goed opletten, had ik me voorgenomen. En wat blijkt? De Mist-tent pakt veels te groot uit voor de kwetsbare en zachtaardige liedjes van MITJ. Alles van waarde is weerloos, en die vlieger gaat al helemaal op als een hele zaal het op een kletsen zet. Jammer hoor. Met enkele leuke liedjes, prima vioolspel en een maffe trekkast proberen de meisjes het volk bij de les te houden. Maar tevergeefs. Dusdanige vormen neemt het geroezemoes aan dat er van hogerhand een hoogst opmerkelijke oekaze wordt uitgevaardigd: de binnenbar wordt per direct en tot nader order gesloten! Ook MITJ had het op een kleiner podium geheid beter gedaan.

Mary in the Yunkyard 3 x (foto’s hieronder: Anne-Marie van Rijn )


Helemaal 100% Amerikaans lijkt BLEECH 9:3 te zijn. Deze band zoekt het in pathetische powerballads, de een nog gezwollener dan de ander. Zelf noemen ze het ‘alternatieve grunge,’ een mooi voorbeeld van een pleonasme als je het mij vraagt. De drie zwaar geblondeerde boys frontstage zien eruit als een stel replicants from outer space, als drie Roy Batty’s met een missie op aarde, als drie Billy Idols die solliciteren bij Sigue Sigue Sputnik. Daar horen ook flitsende zonnebrillen, Smashing Pumpkins T-shirts, overdreven poses en het opzichtig paffen van sigaretjes (altijd van die lange nooit van die korte, net als in de film) bij, gewoon omdat dat zo enorm retecool staat. Alles lijkt achter een tekentafel van een platenmij uitgedacht om maar zo snel mogelijk in de Ziggo Dome te kunnen staan. Foute band? Dat kun je wel zeggen ja. Hihi, en achteraf lees ik dat deze jongens helemaal geen yanks zijn maar volbloed Ieren. Ze leerden elkaar daar kennen bij een Alcoholics Anonymous-programma. De bandnaam refereert naar bijbelteksten waar ze steun uit putten. Het zal wel.

2 x Bleech 9:3 (foto boven : Misty Fields) (foto onder: Anne-Marie van Rijn)

Bij Misty Fields is het soms snakken naar eens wat anders dan de eeuwig beukende gitaarrock van getatoeëerde apen die zich in poeplelijk Engels uiten. Ook wij wijken uit, naar het minuscule containerpodium. Daar speelt ZWARTEWATER, een hiphopcrew uit Zwolle, het land van Rico en Sticks en van skinny dippen in de IJssel. Volleerd en met veel schwung storten de drie zich op hun rijms en biets. Het publiek (weinig jeugd) wordt geacht actief te participeren want hey, ‘twee uur hebben we erover gedaan om hier te komen.’ Ha, daar moet je in Australië mee aankomen! Bedenkelijk is het dat deze jongens hier behoorlijk gemarginaliseerd staan te wezen. En dat voelen ze ook. Ze hebben een rondje gedaan over het festivalterrein en kennen hun plek. ’Wij beheersen geen instrumenten,’ zeggen ze beteuterd. Nou, alsof dat gitaarvolk wel goed kan rappen dan! Het ding is: Misty Fields belooft op haar website ‘een ontdekkingstocht langs het gehele muzikale spectrum’ en mag daar best wel eens wat meer werk van maken.


Van een geheel andere orde is het Manchester trio SHAKING HAND. Zeer gecontroleerde en doordachte, enigszins nerdy post-rock brengen ze. De invloeden van illustere bands als Slint, Tortoise en Black Midi zijn nooit ver weg. Lagen muziek als wiskundige patronen boven op elkaar gelegd, bij tijd en wijle levert dat intrigerende en spannende weefsels op. En geen noot teveel. Van het scherm achter hen maken ze (als enigen op dit festival) goed gebruik. In eerste instantie heb je de neiging je te storen aan die steeds weer repeterende filmpjes van (voornamelijk) gebouwen. Maar effe later lijken die beelden juist goed aan te sluiten bij de muziek, dat al net zo patroonmatig is opgezet. Knap gedaan!

Shaking Hand (foto: Anne-Marie van Rijn)

Headliner SQUID weet de verwachtingen niet waar te maken. Op het podium staat dan wel een karrenvracht aan instrumenten en apparatuur uitgestald, het gaat erom wat je ermee doet hè. De vijf boys maken zich er niet gemakkelijk vanaf en daarvoor verdienen ze bewondering. Maar ze mogen zich dan wel met verve op trompetten, trommeltjes en koebellen storten, naar echt leuke, intrigerende of pakkende liedjes is en blijft het zoeken bij deze band.

Squid (foto: Anne Marie van Rijn )

Een onverwacht hoogtepunt is het uit Straatsburg afkomstige PALES. Persoonlijk had ik er nog nooit van gehoord. Terwijl haar begeleiders een woeste mengeling van allerlei woeste genres opdienen groeit zangeres Célia Souarit uit tot een intense wervelwind die alle aandacht naar zich toe weet te trekken. Met een conditie die stukken beter is dan die van Ronnie Wood, Phil Colins èn Elton John tezamen laat ze voelen dat popmuziek iets is wat bij uitstek het best bij de jeugd in handen is. Na afloop wordt het merch-stalletje overlopen door een woeste meute vinyl- handtekeningen- en T-shirt jagers, en dat wil ook iets zeggen. ‘Urgent’ zou de Volkskrant zeggen. Ga ze zien!

Pales 2 x (foto’s Anne-Marie van Rijn)

Uit het Noorden van Engeland komt het werkelijk geniaal genaamde combo THE NORTH. Drie snotjochies en een snotgrietje in gescheurde oversized jeans en met Keith Richards en David Bowie truitjes aan. Uiteraard kunnen ze spelen als de beste (wie heeft er eigenlijk weleens een slecht spelende Britse band gezien?) en ook al hangt hun ultra-energieke, Arctic Monkeys- en Wunderhorse-achtige rocksound dicht tegen het clichématige aan, toch hoor je ze dingen doen waarvan je zegt: gadverpielekes, hoe is het in godsnaam mogelijk!

Keith don’t go, T-shirt van de dag, The North (foto Anne-Marie van Rijn)

De zondag

Zondag is bij Misty Fields traditioneel de dag waarop veel bezoekers wegblijven of voortijdig afhaken. Nu de weerberichten veel vallend hemelwater voorspellen is het helemaal rustig op het terrein. Wel lekker zo! De afhakers missen heel wat, zo blijkt. Ook omdat de zaterdag wat tegenviel, daar is iedereen het over eens. Vandaag trekken drie Amerikaanse bands op rij de boel uit de blubber. Waar het afgelopen vrijdag drie Californische bands waren die de kar trokken, nu is de Oostkust aan de beurt.

We beginnen met het hoogtepunt van de dag, en wellicht ook van het hele festival. GOLOMB heet het drietal in kwestie, ze komen uit (makkelijk te onthouden) Colombia, Ohio. Nog piep zijn ze, maar oh zo zeker van hun zaak. En wat een geweldige stage presence hebben ze. Niks ingestudeerd, alles 100% naturel. Muzikaal is het een allegaartje van harde stijlen waarbij elk nummer middels een ijzersterke zangmelodie bijeen wordt gehouden. Het is vooral de goddelijke boy/girl samenzang die het verschil maakt. Het is het soort uit volle borst gezongen, naar blote billensex neigende samenzang dat we ook kennen van Gram en Emmylou, van John en Exene en vooral van Alan en Mimi. Een paar dagen hiervoor stond Golomb nog het naprogramma van Ty Segall te verzorgen in de kleine zaal van Paradiso, naar verluidt voor anderhalve man en een paardenkop. Schandalig gewoon. Laten wij allen ervoor zorgen dat zoiets niet nogmaals voorkomt!

Golomb signeert een plaatje, speciaal voor de Kettingzaag


In 2023 stond BODEGA nog als headliner te shinen in de grote Misty Fields-tent, nu moeten ze genoegen nemen met het veel kleinere Bos-podium. En dan gaat het ook nog plenzen. Worden ze daar chaggie van? Neen hoor, niks daarvan. Het zijn Amerikanen, die laten zich door zoiets echt niet van de wijs brengen. Waar Bodega vroeger nogal eens drammerig uit te hoek kon komen met gedeclameerde lappen tekst daar is het nu een geoliede en superfunky dance machine geworden. Lekker pakkende refreintjes hebben langzaam maar zeker hun intrede gedaan. Alles swingt als de spreekwoordelijke bavianentiet, stilstaan is bij Bodega geen optie. Zelfs met zompige, zuigende bagger onder je schoenen gooi je er spontaan een pirouetje uit. Heel verrassend spelen ze Bob Dylan’s Slow Train en besluiten ze met een ruig blokje ouderwetse New York hardcore, al heb ik geen idee van wie die liedjes zijn. Iemand die het wel weet? Al met al een knalgoeie band, echte fighters ook, ze verdienen meer erkenning.

Bodega + setlist

Voor mensen die in samenzweringstheorieën geloven en er vast van overtuigd zijn dat Kurt Cobain helemaal niet dood is heb ik goed nieuws: dat klopt! Althans, bij Misty Fields staat een gozert op het podium die verdacht veel wegheeft van Hem uit Seattle. Met dezelfde gouden manen als Kurdt, met hetzelfde kuiltje in zijn kin en met hetzelfde in zichzelf gekeerde gemompel tussen de nummers gooit de zanger van het New Yorkse ARCY DRIVE er liedjes uit die van hetzelfde hemelse kaliber zijn. Als hij op het eind obstinaat zijn gitaar de lucht in gooit krijg ik zowaar last van hallucinaties. Hallelujah, dit is ‘m hoor, horen omstanders mij uitkraaien, ja dit is ‘m! Maar verschillen zijn er natuurlijk ook: deze lui ogen als all American boys, compleet met van die spuuglelijke sportshirts. Muzikaal lijkt hun indie-pop veel meer op The Strokes dan op Nirvana, en Kurtje zou nooit van die glimmend zwart gepoetste laarsjes aangetrokken hebben.

Arcy Drive (foto: Misty Fields)


Een klinkende naam in het alt-circuit is al jaren METZ. Omdat deze band (uit Toronto, gelegen aan het Lake of America) voornamelijk voor eigen parochie preekt met snoeiharde hardcore tyfusherrie, is het goed te snappen dat zanger Alex Edkins eens wat anders wil. Met zijn band WEIRD NIGHTMARE toert hij nu de wereld rond terwijl Metz op zijn reet ligt. Hüsker Dü is nooit ver weg bij Weird Nightmare, al is het alleen maar vanwege die besnorde bassist! Maar ook vanwege de gelaagde en vervormde up-tempo hardcore powerpop waaroverheen makkelijk meebrulbare zangpartijen als edelstenen liggen te schitteren. Weird Nightmare heeft zodoende veel weg van een Hüsker Dü-light. Platen maken ze in samenwerking met Spoon’s Jim Emo, en die keuze zegt ook veel over hun intenties.

Weird Nightmare

Ook gezien: de teringherrie van Bucket

Nog te zien:

Maquina: speelt bij LOTD

Cory Hanson: 20 september in Metropool, Hengelo

Ratboys: 12 september in De Nijverheid, Utrecht

Good Health Good Wealth: 4 november in Ekko

Pales: bij LOTD (2x)

The North: bij LOTD (3x)

Bleech 9:3: 12 sep in Bitterzoet

GANS: 22 sep in Toekomstmuziek

Mary in The Junkyard: 8 okt in Bitterzoet

Mary in The Junkyard: 7 okt in Rotown

Hondenfokker: 18 sep in Vera

Shaking Hand: 28 nov in Vera

Shaking Hand: 26 nov in Cinetol

Comments

comments