Interview met Anne-Marie van Rijn, popfotografe


Wie regelmatig concerten bezoekt zal haar misschien wel herkennen. Met haar kenmerkende innemende glimlach, ravenzwarte haar en scherpe blik beweegt ze zich door het publiek. Steevast met een of twee camera’s om haar nek want dat is haar gereedschap. En altijd richting de rand van het podium want dat is haar jachtterrein. Anne-Marie van Rijn is fotografe en live-fotografie is haar passie. Het pad dat ze bewandelt is er eentje van de weg der geleidelijkheid, en zie eens waar dat haar gebracht heeft. De laatste paar jaar wist ze door te dringen tot de gelederen van Oor, De Volkskrant en De Kettingzaag. Voorwaar, niet de minsten!

Haar grootste claim to fame is tot dusverre de foto-serie die ze maakte van Kneecap. Vanwege hun uitgesproken standpunten in het Palestina-conflict was dit Ierse rock/rap-trio medio 2025 plotseling shit-hot. Voor de Oor maakte Anne-Marie in de marges van het Best Kept Secret-festival een exclusieve portretserie dat prompt groots geplaatst werd, inclusief foto op de cover. Kneecap deelde vervolgens via Instagram een aantal van die foto’s, en dat leverde maar liefst 45.000 likes op. Of ook zoiets leuks: Warren Elis, de baardmans uit Nick Cave’s band, die met zijn eigen band Dirty Three onlangs de Ronda aandeed. Op zijn socials deelde hij een een live-foto van Anne-Marie met als begeleidende woorden ‘
Favourite photo of the tour’ Kijk, daar doe je het voor!

‘Ik ben geboren in Katwijk. In een SGP-gezin. We hadden geen TV thuis, wel het Reformatorisch Dagblad. Het liep allemaal niet zo goed thuis, ik mocht niet naar het café, niet naar concerten, niet naar de bioscoop. En op zondag mocht ik al helemaal niks, dus eigenlijk was het niet heel gezellig. Via een instantie ging ik al vroeg het huis uit. Na een paar weken bij mijn zus en daarna een tante ben ik eind ‘83 in Overvecht in een tehuis gekomen. Yvonne Keuls had er zo een boek over kunnen schrijven, haha! Van te voren dacht ik: het eerste wat ik daar doe is weglopen. Maar het was eigenlijk ontzettend fijn daar. Ik heb er twee jaar gewoond en toen ben ik op mijzelf op de Laan van Nieuw Guinea gaan wonen.’

‘Het eerste waar ik ooit voor spaarde was een camera. Een jaar of 12 was ik toen. Niet dat er bij ons thuis aan fotografie gedaan werd, ja mijn vader had wel dia’s… Dus ik stond al snel bekend als iemand die wel foto’s kon maken. Als we op schoolreisje gingen bijvoorbeeld. Dit was nog in de analoge tijd natuurlijk. Later fotografeerde ik in zwart-wit en ontwikkelde ik de foto’s zelf. Ik ging toen ook cursussen doen en had een eigen doka (red: voor de jongeren onder ons, dat is een soort dark room maar dan nèt iets anders). Ik heb toen ook wel sporadisch concerten gefotografeerd maar ik herinner me daar vrij weinig meer van. Behalve een toffe foto bij Tweetakt van Oumou Sangaré, weet ik nog. ’

‘Maar verder heeft het best nog wel lang geduurd, ik deed in die tijd meer aan straatfotografie. Gewoon mensen op straat, Utrechtse zwervers enzo, Zoals wijlen Ouwe Willem, met die man heb ik zoveel gepraat! In 1992 heb ik met mijn straatfotografie in het Willem Arntzhuis geëxposeerd. Ik was toen nog vrij jong, ja. Prompt verscheen er een lovende recensie in het Utrechts Nieuwsblad. ‘De fotografe-ogen van Anne-Marie’ luidde de kop. Ja, dat was wel een oppepper natuurlijk. Ze gingen me vergelijken met Ed van der Elsken, haha dat was wel veel eer. Die recensie moet ik nog ergens hebben liggen op zolder. Destijds stuurde ik soms ook foto’s naar fotografietijdschrijften als Focus en Foto. Soms plaatsten zij wat.’

‘In die tijd ging ik ook al naar concerten hoor, Het Goede Doel, Het Klein Orkest, Fatal Flowers, en soms in de Kuip, Pink Floyd, Bowie… en het oude Tivoli was toen net open. Ik had een goeie vriendin die in Veenendaal woonde dus daar hing ik ook veel rond. In De Pomp, een soort buurthuis. Daar speelde dan Herman Brood bijvoorbeeld en die vriendin van me was daar een groupie van. Een echte hoor, haha! ‘

‘Erik, mijn echtgenoot, heb ik in 1991 ontmoet. In Theater Kikker kwam ik hem tegen, bij een van de eerste concerten van Daryll-Ann, samen met The Charmin’ Children. Hij fotografeerde toen voor de Vonpopp, een lokaal popblaadje. Daarna, als we op vakantie waren fotografeerden we veel samen. Hij deed destijds ook aan concert-fotografie, zo heeft hij heeft The Feelies nog gefotografeerd. Maar nu doet hij er niks meer mee. Ons huwelijksfeest hadden we overigens in Kikker gevierd, en de poster van dat Daryll-Ann-optreden hangt nog steeds bij ons in de gang. En weet je wat toevallig is? Ik werk tegenwoordig voor het Amsterdam UMC. En Coen Paulusma van Daryll-Ann werkt daar ook, als bioloog! Soms komen we elkaar daar tegen.’


‘In 1998 werd de oudste geboren. Toen ging ik vooral mijn kinderen fotograferen en ik heb ik ook veel op vakantie in het buitenland gefotografeerd. Als ik op vakantie was had ik altijd wat meer rust in mijn kont. Toen mijn kinderen eenmaal groot waren ging ik weer vaker naar concerten en ben ik het concertfotograferen echt gaan oppakken. Er werd toen iemand gevraagd bij het Tweetakt Festival. Rond 2015 was dat. Gewoon omdat ik het leuk vond om te doen. Het mooie van live-fotografie vind ik dat je zelf niets hoeft te regisseren.’

‘Kort erna kwam er een vacature bij De Helling. Ze zochten iemand met enige concert-ervaring en dus werd ik daar aangenomen. Dat begon met een try-out van Johan die destijds weer gingen spelen. Het was mijn eerste grote ding. En toen kwam de Music Maker, die hadden mijn Johan-foto’s gezien en wilden die in hun blad plaatsen. Jeroen Klein, de drummer van Johan, heeft mij toen op het pad gezet van dat blad. Dat was wel kicken. Ze hadden Excelsior benaderd maar bleken verder geen budget te hebben om me te betalen. Ik kreeg toen in plaats daarvan als tegenprestatie een stapeltje vinyl van Daryll-Ann, ook mooi natuurlijk.’

‘Bij Oor ben ik aan de bak gekomen met een foto van Squid, daar is het mee begonnen. Hester Aalberts had me benaderd, er was een fotograaf ziek uitgevallen. Het werd een foto die ik met mijn smartphone had gemaakt. Een tijdje later, bij P.J. Harvey in Paradiso mocht geen enkele fotograaf komen. Toen heb ik een list bedacht en een oude camera meegenomen in mijn tassie en ter plekke een lensje erop gedraaid. Ik heb toen stiekem foto’s vanuit het publiek gemaakt en niemand had het in de gaten. Oor heeft ze toen geplaatst, er heeft geen haan naar gekraaid.’

de Squid-foto


Hoe ziet je baan eruit en hoe combineer je dat met het ‘s avonds op pad gaan om bands te fotograferen?

‘Voorheen heb ik zestien jaar in de jeugdzorg gewerkt. Met jongeren met lichte verstandelijke beperkingen en gedragsproblemen. Tegenwoordig ben ik medisch maatschappelijk werker bij het Amsterdam UMC. Dertig uur per week doe ik dat.’

En als je dan rond pakweg 24.00 uur thuiskomt, ga je dan meteen aan je foto’s werken?

‘Ja, dat moet wel want de deadline voor het online gedeelte van Oor is de volgende dag om 13.00 uur. Hoe ik dat dan doe? Tja, gewoon doorgaan. Soms neem ik vrij op de dag van de deadline. Bijvoorbeeld laatst bij Dirty Three in de Ronda. Dan kom ik ‘s nachts thuis en ga ik eerst foto’s selecteren (red: het gesprek gaat vervolgens een kwartiertje over laptoptoepassingen als de witbalans, de lichtbalans en de nevelverwijderaar). Soms heb ik wel honderden foto’s gemaakt en wil ik eerst een grove selectie maken. De volgende ochtend had ik een paar uur geblokt. Tja, het knelt wel af en toe.’

De fotografe in actie. Deze twee foto’s zijn van Han Ernest

Je hoort vaak over hindernissen waar professionele fotografen tegenwoordig mee te kampen hebben, zoals allerlei zaalrestricties. Heb jij daar ook mee te maken?

‘Ja uiteraard. In een zaal als TiVre mag ik niet zomaar mijn camera meenemen. Het staat bij hun standaard op de ticket dat er geen professionele foto-apparatuur mee naar binnen mag. Zoals laatst bij Cameron Winter (red: dwz de zanger van Geese, hij is hot en deed onlangs een uniek solo-optreden), dan mag ik er met mijn camera niet in. In dat geval had ik me netjes van te voren aangemeld, Maar ja TiVre is ook gebonden, zij moeten namen van fotografen weer voorleggen aan het management van de artiest, zo gaat dat dan. Ik heb het weleens gehad dat ik het toch deed en op mijn schouders getikt werd door zo’n beveiliger. In bijvoorbeeld Ekko of De Helling kan het vrij fotograferen nog wel, bij Paradiso ook nog wel. In een zaal als dB’s is het geen enkel probleem.’

‘In zalen als Ziggo, AFAS en ook Ronda is het heel gewoon dat je als fotograaf alleen tijdens de eerste drie nummers foto’s mag maken. Bij Ziggo en AFAS kom je dan binnen via zo’n loopgoot. Dan sta je soms met een collega of twintig aan de zijkant te wachten tot je erin mag. Zoals ook laatst bij The Cure. Dan staat die William Rutten er ook. Nee, ken je die niet? Hij is van het TV-programma Het Perfecte Plaatje. Dan krijg je ook te horen hoeveel liedjes je de tijd hebt om materiaal te schieten. Twee of drie nummers meestal. Dan moet je dus in een hele korte tijd zo goed mogelijke foto’s zien te maken.’

‘Heel soms komt het wel voor dat ik al gauw het gevoel hebt dat ik een perfecte foto hebt geschoten, en dan heb je al een beetje het gevoel dat je klaar bent. Maar als je dat gevoel niet hebt dan blijf je maar doorfotograferen. Wat ik doe na die drie nummers? Nou simpel, in Ziggo en AFAS moet ik dan de zaal uit, dan moet ik weg. Nee, een backstage ofzo is er niet. Je kan alleen het concert weer in als je een toegangskaartje hebt gekocht, dan moet je helemaal buitenom en je camera ergens achterlaten. Maar ja, voor veel fotografen is het puur en alleen maar werk. Ikzelf ben vooral muziekliefhebber. Bij Warren Ellis bijvoorbeeld was ik al klaar met foto’s maken maar ben ik toch tot het einde gebleven want ik vond het heel tof. Bij de meeste zalen kun je wèl gewoon blijven hangen hoor.’

‘Of wat ook wel gebeurt, zoals bij Fontaines DC in AFAS, dat zo’n band er vrij spontaan voor kiest om fotografen alleen bij de laatste paar nummers toe te laten. Dan sta je dus bij wijze van spreken de eerste paar uur te niksen. Gelukkig speelde Wunderhorse in het voorprogramma, en kon ik daardoor ook de Fontaines in zijn geheel zien. Er waren die avond maar drie fotografen aanwezig, dus dat maakte het wel weer exclusief. Plus je hebt dan praktisch het rijk alleen, niemand staat je in de weg.’

Een eigenaardigheid van deze tijd is dat heel veel acts ervoor kiezen om in het halfdonker te gaan spelen. Dat lijkt me voor een fotograaf enorm frustrerend.

‘Dat is wel een dingetje ja. Bij sommige bands ben je vanwege het schaarse licht zóveel tijd kwijt aan het nabewerken. Laatst The Limiňanas ook. Hele toffe muziek maar ik geloof dat ik toen misschien wel 300 foto’s had gemaakt. Daar wordt ik echt niet blij van, het kost me gewoon ontzettend veel tijd om daar wat van te maken. Als fotograaf ben je erg afhankelijk van het licht. Fotografie is niks meer dan weerkaatsing van licht tenslotte. Daarom hoeft het ook niet te zijn dat kleine zaaltjes per se prettiger zijn om in te werken. Veel hangt af van de lichtman of -vrouw. Bijvoorbeeld Lewsberg stond nooit in het donker te spelen maar zij hadden vrij fantasieloos licht. Aan de andere kant, binnenkort komt bijvoorbeeld A Place To Bury Strangers in De Helling en ik denk nu al: misschien moet ik die niet gaan fotograferen. Vanwege die duisternis, ja.’


En dan hebben we het nog niet gehad over de alomtegenwoordigheid van social media. Dat zal het werken ook voor jou drastisch anders maken?


‘Eh.. op meerdere vlakken speelt dat. Puur praktisch ook. Bijvoorbeeld als ik foto’s aanlever en er wordt dan in gesneden om het geschikt te maken voor plaatsing op Instagram. Soms is dat weinig subtiel gedaan en daar kan ik echt chagrijnig van worden. Maar aan de andere kant, de sociale media maken maken het allemaal wat levendiger. Rond 2020 had ik bijvoorbeeld foto’s gemaakt van The Raincoats bij Le Guess Who. Dat was een bijzonder optreden, het 40-jarige jubileum van hun debuutplaat als ik het goed heb. Ze deden toen een paar extra concerten en als aankondiging van die andere concerten hadden ze een foto van mij gebruikt. Die hadden ze van mijn Twitter geplukt en zonder overleg of naamsvermelding op hun socials gezet. Ze gebruikten het dus als het ware als reclamemateriaal. Ik heb ze toen een berichtje gestuurd en netjes gevraagd of ze aan naamsvermelding wilden doen. ‘No problem’ zeiden ze, maar vervolgens kwam ik die foto nog steeds tegen zonder naamsvermelding. Vervolgens werd het een beetje lelijk en stelden zij dat ik ook zonder hùn toestemming die foto’s had gemaakt. Echt belachelijk!’


Vervolgens leek die kwestie een beetje doodgebloed, ware het niet dat een jaartje later Third Man Records, en dat is het huidige platenlabel van The Raincoats, aanklopte. ‘Het was iemand die met Jack White in The Go had gezeten, David Buick heette hij. Hij liet weten dat het blad Maggot Brain een artikel over The Raincoats aan het maken was en diezelfde foto daarvoor wilden gebruiken. Ik mocht als tegenprestatie kiezen uit een vergoeding of een mooi pakketje met platen, singletjes en magazines. Dat laatste heb ik vervolgens vanuit Amerika opgestuurd gekregen. Echt keurig netjes. Daarna, voor de twee Jack White-concerten begin 2025 in de Ronda, had ik hem opnieuw benaderd met de vraag of ik die shows mocht fotograferen. Maar niks ervan, want Jack White zou een eigen fotograaf meenemen, verder kwam er niet één fotograaf in! Zo houdt hij alle controle. Maar zoiets komt vaker voor hoor. Bands als Fontaines DC en U2 nemen hun eigen fotografen mee op tour. Zoals Ben Houdijk voor U2. Nee, ken je die niet?’

Boven: in de Maggot Brain. Onder: pretpakket van Jack

En eh… hoe zat het ook alweer met het gedoetje dat je had met het bandje Mandy, Indiana?

‘Ik had foto’s gemaakt van hun concert in Ekko en die waren op de Ekko-socials geplaatst. Ergens anders online had ik me kritisch uitgelaten over dat optreden. Gewoon een opmerking als ‘het viel me tegen’ of soortgelijke bewoordingen. Echt niks schokkends hoor. Vervolgens had de band Ekko benaderd met de eis om mijn foto’s weg te halen. Nou ja zeg! Ik heb toen echt wel steunbetuigingen vanuit Ekko ontvangen hoor, maar de foto’s zijn wel daadwerkelijk verwijderd. Waarom? Omdat ze het contact met de tourorganisator goed wilden houden.’

Hoe zou je je eigen stijl willen omschrijven?

‘Ik streef niet naar een herkenbare stijl ofzo, maar ik hoor soms wel terug van mensen dat ze bepaalde foto’s herkennen als van mij. Ze bedoelen dan met name de kleuren denk ik. Wat ik bewust probeer is portretten te maken van concertfoto’s. Ik merk dat mijn foto’s vaak portretten worden die losstaan van waar ze gemaakt zijn.’

Hou je er nog een leuke cent aan over eigenlijk?

‘Voor het geld hoef ik het echt niet te doen. Oor betaalt alleen als foto’s in het papieren blad komen te staan.
In de digitale Oor dus niet, nee. De Helling betaalt me gewoon. Als ik voor Ekko fotografeer, en dat doe ik graag, dan kan ik meestal gratis naar binnen. Dat kun je ook zien als een verkapte beloning, dus daar heb ik vrede mee. Weet je, ik hou van muziek en ik hou van fotograferen. Ik pik altijd die concerten uit die ik leuk vind. En ik kom nu ook bij shows waar ik anders nooit kom, hè. Aan de andere kant, ik heb weleens een band gefotografeerd waarvan ik dacht: wat doe ik hier eigenlijk? En dan wordt het werk hè.’

‘Ik ben van nature best onzeker van mezelf maar ik weet dat ik goed werk lever. En op tijd. Bij Oor krijg ik te horen dat ze mij als een van hun betere fotografen beschouwen, dus dat is wel complimenteus.’

Veel mensen hebben toekomstplannen, jij ook?

‘Een eigen website zou mooi zijn. Dus een plek waar ik mijn foto’s onder kan brengen, dat zijn er inmiddels al heel veel. En waarmee ik ook makkelijker vindbaar kan zijn. Eerlijk gezegd viel mij de respons na die Kneecap-publicaties een beetje tegen, ook omdat je zelden foto’s van hen ziet buiten het kader van live-concerten. Dus ja, als ik beter vindbaar was geweest dan had dat misschien gescheeld. Afijn, van die website ga ik in 2026 maar eens echt werk maken. Daarnaast overweeg ik ook om een fotoboek van mezelf samen te stellen en uit te geven.’

2 x 9 = 18 keer het beste van 2025

Anne-Marie’s all-time favourite albums:

The Sound – From The Lion’s Mouth

PJ Harvey – To Bring You My Love

The Pixies – Doolittle

Joy Division – Unknown Pleasures

The Feelies – Crazy Rhythms

The Serenes – Barefoot and Pregnant

Fontaines DC – Dogrel

Daryll-Ann – Renko

David Bowie – The Rise And Fall Of Ziggy Stardust

The Cure – Disintegration

Aldous Harding tijdens Le Guess Who

Anne-Marie’s all-time favourite concerten:

Nick Cave – Ziggo – okt 2017

Morrissey – TiVre – okt 2014

Aldous Harding – LGW/Ronda – 2019

The Cure – AFAS – 2022

PJ Harvey – Paradiso – okt 2023

Fontaines DC – AFAS – nov 2024

DIIV – Paradiso – maart 2020

Daryll-Ann – Kikker – 23 feb 1991

The Notwist – Paradiso – okt 2021

Radiohead – Best Kept Secret 2017

Robert Smith in de AFAS

Was getekend… (zelfportret)

Interesse in meer foto’s van Anne-Marie? Scan de QR-code:

Comments

comments